artikel 86 Gemeentewet

Artikel 86 van de Gemeentewet ziet er als volgt uit.

 

  1. Een Commissie kan in een besloten vergadering op grond van een belang, genoemd in artikel 10 van de Wet Openbaarheid van Bestuur omtrent het in die vergadering met gesloten deuren behandelde en omtrent de inhoud van de stukken die aan de Commissie worden overgelegd, geheimhouding opleggen. Geheimhouding omtrent het in een besloten vergadering behandelde wordt tijdens die vergadering opgelegd. De geheimhouding wordt door hen die bij de behandeling aanwezig waren en allen die van het behandelde of vann de stukken kennis dragen, totdat de Commissie haar opheft.

  2. Op grond van een belang, genoemd in artikel 10 van de wet Openbaarheid van Bestuur kan de geheimhouding eveneens worden opgelegd door de voorzitter van een Commissie, het College en de burgemeester, een ieder ten aanzien van stukken die hij aan een Commissie overlegd. Daarvan wordt op de stukken melding gemaakt. De geheimhouding wordt in acht genomen totdat het orgaan dat de verplichting heeft opgelegd, dan wel de Gemeenteraad haar opheft.

  3. Indien een Commissie zich ter zake van het behandelde waarvoor een verplichting tot geheimhouding geldt tot de Gemeenteraad heeft gericht, wordt de geheimhouding in acht genomen totdat de Gemeenteraad haar opheft.